Weven
Geweven tapijten hebben geen pool. Ketting en inslag vormen het volledige oppervlak, waardoor ze aan beide zijden bruikbaar en meestal dunner zijn dan een geknoopt tapijt. Deze pagina toont het verschil tussen hand- en machinaal weven en welke stijlen in elke categorie thuishoren.
#Wat weven in de tapijtbouw betekent
Bij het weven worden ketting en inslag stevig met elkaar verstrengeld. Zonder knopen, zonder pool. Het oppervlak is vlak, aan beide zijden identiek en duidelijk lager dan bij een geknoopt tapijt. Geweven tapijten passen goed in ruimtes waar een dun, vlak tapijt gewenst is: entrees, keukens, moderne wooninterieurs met houten vloeren of beton. Ze zijn doorgaans goedkoper in productie dan geknoopte tapijten, omdat het proces sneller verloopt en minder materiaal vastlegt.
#Kelim, soemak en andere handweeftechnieken
Het bekendste handgeweven tapijt is de kelim. Daarbij wordt het patroon gevormd door verschillend gekleurde inslagdraden, die telkens slechts over een beperkt patroongedeelte lopen. Waar twee kleuren elkaar raken, ontstaan de karakteristieke spleten die een kelim zijn zichtbare structuur geven. Soemak is een verwante techniek waarbij de inslagdraden om de ketting worden gewikkeld, waardoor een reliëfachtig oppervlak ontstaat. Soemak is robuuster dan kelim en werd vaak gebruikt voor functionele stukken zoals zadeldekken. Beide technieken zijn al duizenden jaren gedocumenteerd in de nomadische culturen van Anatolië, de Kaukasus en Perzië.
#Wilton en Axminster: de machinale kant
In de 19e eeuw werd de weeftechniek geïndustrialiseerd. Het Wilton-weefgetouw, vernoemd naar de Engelse stad waar het werd ontwikkeld, kan pooltapijten machinaal weven. Anders dan bij zuivere geweven tapijten ontstaat hier een pool door ingewerkte lussen, die later kunnen worden opengesneden. Het Axminster-weefgetouw, eveneens uit Engeland, laat complexere patronen met meer kleuren toe en wordt vandaag vooral gebruikt voor hoteltapijten en grote oppervlakken. Beide methoden produceren tapijten die duidelijk gelijkmatiger zijn dan handgeweven of geknoopte stukken. De levensduur ligt bij gematigd gebruik tussen tien en vijfentwintig jaar.
#Hoe u hand- van machinaal weven onderscheidt
Draai het tapijt om. Bij een handgeweven stuk herkent u kleine onregelmatigheden in de weefstructuur. Licht verschoven inslagdraden, minimale maatverschillen, sporadische knopen of splices. De franjes zijn de verlenging van de ketdraden en daarmee onlosmakelijk verbonden met het tapijt. Bij machineproductie is de structuur volkomen gelijkmatig, de kanten zijn vaak met een machinale naad afgewerkt, en de franjes kunnen achteraf aangenaaid of vastgelijmd zijn. Nog een test: bij een handgeweven kelim ziet u het patroon aan beide zijden exact identiek. Bij een machinaal geweven tapijt met poollaag is een duidelijke voor- en achterkant te herkennen.
Verder lezen
Productie van oosterse tapijten
Hoe uit wol, zijde en plantaardige verf een handgeknoopt kunstwerk ontstaat, stap voor stap uitgelegd.
LezenMaterialen voor oosterse tapijten
Scheerwol, zijde, katoen, jute en synthetisch. Wat elke vezel onderscheidt, waar zij geschikt voor is en hoe zij aanvoelt.
LezenOosterse tapijten herkennen
De belangrijkste controlepunten om een echt handgeknoopt oosters tapijt van imitaties te onderscheiden.
Lezen