Zijde herkennen
Zijde is bij een tapijt een statussymbool en een veelvoorkomend vervalsingsdoelwit. Moerbeizijde kost het tien- tot twintigvoud van viscose of synthetische bamboezijde. Deze pagina toont hoe u de echte zijde van de onechte onderscheidt.
#Wat zijde bij een tapijt betekent
Echte zijde komt vrijwel uitsluitend van de moerbeizijde, de cocon van de larve Bombyx mori. De spindraad van één cocon is 600 tot 900 meter lang, ragfijn, glad, en weerkaatst het licht in een nauwe hoek. Deze eigenschappen maken moerbeizijde zo waardevol en zo lastig te imiteren.
In de tapijthandel worden drie materialen als zijde aangeboden, waarvan er maar één werkelijk zijde is.
Moerbeizijde van Bombyx mori, vaak uit Bursa in Turkije of uit Iran. De echte zijde.
Viscose, een op cellulose gebaseerde kunstvezel uit hout of bamboe. Wordt vaak als bamboezijde of bananenzijde gepresenteerd. Heeft een krachtige glans, maar is minder licht- en wrijfbestendig.
Gemerceriseerde katoen, behandeld met natriumloog om de glans te versterken. Wordt zelden rechtstreeks als zijde verkocht, maar duikt af en toe op in goedkope imitaties.
#Test 1: brandproef
De betrouwbaarste test, maar wel destructief. Pluk een minuscule vezel uit de pool op een verborgen plek (achterkant van de boord of poolwortel). Houd de vezel bij een lucifervlam.
Moerbeizijde gedraagt zich als wol: zij zwelt op tot kleine zwarte bolletjes, schroeit tot poeder en ruikt naar verbrand haar. De as valt tussen uw vingers uit elkaar.
Viscose gedraagt zich als katoen: zij brandt snel met heldere vlam, ruikt naar verbrand papier en laat een witachtige as achter.
Synthetisch (polyester, polyamide) smelt in plaats van te branden, druipt, ruikt plasticachtig en laat een hard klompje achter.
Deze test is niet omkeerbaar, maar een minuscule vezel op een verborgen plek is geen probleem.
#Test 2: glans onder verschillende lichthoek
Moerbeizijde verandert haar glans dramatisch met de kijkhoek. Draai het tapijt of beweeg eromheen. Een echt zijdevlak dat vanuit de ene hoek mat oogt, licht vanuit een andere hoek helder en krachtig op.
Viscose heeft eveneens glans, maar minder gericht. Een viscoseoppervlak glanst vanuit de meeste hoeken gelijkmatig sterk, zonder de karakteristieke wisseling.
Gemerceriseerde katoen heeft een zachtere, rustigere glans, bijna mat, en reageert nauwelijks op verandering van hoek.
Deze test werkt het best bij daglicht en met het hele tapijt uitgerold. Bij opgevouwen of gestapelde stukken is hij minder betrouwbaar.
#Test 3: gevoel en warmte
Pak een plek van het tapijt stevig met de handpalm vast en houd kort vast. Moerbeizijde neemt snel lichaamswarmte op en geeft die ook snel weer af. De plek voelt warm aan, maar koelt binnen seconden weer af.
Viscose en synthetisch geleiden warmte slechter. De plek blijft langer warm, soms met een licht plakkerig nagevoel.
De haptiek zelf geeft een verdere aanwijzing. Moerbeizijde voelt glad-koel aan, bijna als gepolijste steen. Viscose is glad, maar wat zachter en trager. Gemerceriseerde katoen is glad, maar merkbaar grover dan moerbeizijde.
De knoopdichtheid is een aanvullende aanwijzing. Moerbeizijde laat 1 tot 2 miljoen knopen per vierkante meter toe (typische Hereke). Viscose-tapijten halen zelden meer dan 400.000 tot 700.000 knopen, omdat de vezel niet zo dun te spinnen is.