Boteh, betekenis
Boteh is een van de bekendste motieven in het oosters tapijt, vaak beschreven als druppel of gebogen amandel. In het Westen wordt het als paisley vermarkt. Deze pagina toont de Perzische wortels, de regionale varianten en de geschiedenis achter het motief.
#Wat boteh is

Foto: Wikimedia Commons
Boteh (بته) is een Perzisch woord en betekent letterlijk struik of bos. In de tapijtcontext slaat het op de geslingerde druppelvormige figuur, die aan een amandelvrucht of een opgerolde bloesem doet denken. Het bovenste deel is gebogen, het onderste bolvormig, vaak met kleine binnenvelden vol micropatronen.
De grondvorm is vrij constant. Wat varieert zijn formaat, ordening en interne detaillering. In sommige stukken zijn de boteh slechts 5 centimeter groot en in dichte rijen over het hele hoofdveld verdeeld. In andere zijn ze 30 centimeter groot en staan ze in losse groepen.
Het binnenste van de boteh is vaak zelf dicht bemotiefd, met verdere boteh, bloesems of geometrische elementen. Deze nesteling is een klassiek stijlkenmerk.
#Herkomst en geschiedenis
De oudste gedocumenteerde boteh-afbeeldingen vindt men in Perzische manuscripten uit de 11e eeuw, met een duidelijke piek vanaf de 16e eeuw in de Safawiden-tijd. De figuur duikt gelijktijdig op in muurschilderingen, textiel en keramiek.
Over de historische betekenis bestaan meerdere theorieën. Eén duidt het motief als gestileerde cipreskromming, omdat de cipres in Perzië als symbool van het leven en de onsterfelijkheid geldt. Een tweede verwijst naar de amandel als lentesymbool. Een derde ziet een verband met de vlamsymboliek van het zoroastrisme.
Los van de oorsprongsvraag: het motief werd in de 18e en 19e eeuw via de Perzisch-Britse handelsbetrekking naar Groot-Brittannië geëxporteerd, waar het in de Schotse stad Paisley industrieel op sjaalstoffen werd gedrukt. De naam paisley voor het patroon stamt uit deze stad, niet uit Perzië.
#Regionale varianten
Verschillende Perzische knoopgebieden hebben eigen boteh-stijlen ontwikkeld.
Sarough-boteh zijn klein, dicht en oppervlaktevullend, vaak op een gedempte zalmroze grond. Deze stijlrichting was in het begin van de 20e eeuw de exportstandaard voor de Europese markt.
Mir-boteh komen uit het Mir-district ten noordoosten van Hamadan. De boteh zijn hier middelgroot en in losse diagonale rijen geordend. Mir-stukken worden in de handel vaak als „Mir" of „Hamadan-Mir" gevoerd.
Kasjmir-boteh zijn karakteristiek opgerold en genest, met fijne binnenmotieven. Zij bewegen tussen sjaaltraditie en tapijttraditie.
Kaukasische boteh zijn streng geometrisch, met heldere contouren en zonder de zwierige elegantie van de Perzische stukken. Hier oogt de figuur eerder als een hoekige stilering dan als een vloeiende vorm.
#Boteh in modern wonen
Boteh-tapijten zijn in moderne woonkamers verschillend goed plaatsbaar. Een dichte mir-allover oogt onrustig in een minimalistische loft, maar past uitstekend in een klassiek ingerichte salon met gedempte wandkleuren en massief houten meubels.
Grootformaat Sarough of Heriz met centraal medaillon en boteh-bordure zijn compromisbereid. Hier domineert het medaillon, de boteh treedt terug, en het stuk laat zich ook in een moderne omgeving dragen.
Voor ruimtes met een heldere moderne lijn zijn Kaukasische stukken met grafisch geabstraheerde boteh vaak de betere keuze. Zij dragen de symboliek mee, zonder zich tegen het vormgevingsprincipe van een minimalistische ruimte te keren.
Voor verzamelaars is boteh in elke vorm interessant. De diepte van de historische sporen in het motief is groot, en een goed gedocumenteerd stuk met een bijzondere boteh-variant heeft regelmatig verzamelaarswaarde.